Collectieblog

  • Reunited after almost 60 years

    woensdag 6 januari 2016

    Since the inscription of the Desmet Collection on Unesco's Memory of the World Register in 2011 (actually already in the stages of preparing the application) I have been trying to explain why it is difficult to provide an exact number of the films. Although the collection seems to be a finite entity, it also keeps growing (923 and counting)*. It's hard to tell how many films would make the collection 'complete': it is difficult to establish which films exactly had been distributed by Jean Desmet and thus which ones we are still missing. From the company papers it appears that he considered many items, not necessarily acquiring them all in the end. The fact that the poster and the film holdings only barely overlap, is also curious. Even when we do know for sure that he distributed some titles (based on the company papers), not all film prints were among the collection when it arrived to our archive in 1957. 

     

    Desmet himself had sold parts of his collection, and sometimes these film prints (still bearing the original Desmet company intertitles cards) find their way to our institute through private collectors. This was the case with Tragico Convegno, the 1915 film by Ivo Illuminati that we preserved a couple of years ago. Similarly, over the years, we have received and preserved more films from Desmet's distribution list; such as Loyalty of Sylvia (1912/USA, arrived to us via the Royal Information Services!), or Das Geheimschloss (1914/Germany, found in the year 2000 among thousands of nitrate cans that were privately kept inside the historic city of Haarlem for decades). In such cases, only after examining the print and identifying the contents, we can conclude that we are dealing with a film from the Desmet Collection.

     

    But what happened beginning of December 2015 was unprecedented: a few reels of nitrate (bought in a French flea market) were brought to our archive. One of the reels was still in an original Desmet company film can! It is of course very often that film cans get recycled so having the can does not necessarily mean that its content will also be related to the Desmet Collection. And yet, it was: the can contained the 1909 film Nerone by Luigi Maggi, of which EYE so far only held 12 original stills, received from the Desmet family sixty years ago!
    The Desmet can that arrived to EYE in december 2015
     

     

    So 106 years after its release in the Netherlands, and many decades after being separated from the rest of the Desmet Collection, the film (and the can) are now reunited in our vaults.
    What is going to happen now? First of all, we will be putting the film reel in a new archival film can, so that it can take its permanent place in our vaults. The historic can will go to the film-related collections. The film is not a unique print; several film archives around the world report to have a copy. This means that we will start a research round asking and comparing details, before we can take further action. As part of the Desmet Collection, to have this film preserved is among our prioritites, but it is even more important to do this with all things considered. After all, our print (after so many years of wandering around) may not be complete, or may not be in the greatest condition, and it certainly does not have the original Italian intertitles... So before proceeding, we will dive into international research in order to establish the universal value of what we have. 

    Frame capture from Nerone (1909)

    The significance of the Desmet film can, and particularly the fact that we can still receive such an item after so many years, remains very big; it keeps our hope alive that we can go on finding lost silent films from more than a century ago.

    * Did you know that you can download the 'complete' filmography of the Desmet film titles as published in the book Jean Desmet's Dream Factory (2014) by scrolling down on this page? Of course with the omission of Nerone.

     

    Desmet company film can that was kept in EYE since the donation of the collection in 1957

    The Desmet can contained a reel of Nerone (1909)

    Silent cinema, Desmet Collection, Jean Desmet, ontdekkingen, lost films, discovery, stille film, Desmet Collectie
  • Jean Desmet in Andere Tijden

    donderdag 19 februari 2015

    Naar aanleiding van de tentoonstelling Jean Desmets droomfabriek is er een aflevering van het tv-programma Andere Tijden gewijd aan deze illustere filmpionier. Hierin komen EYE-curator Mark Paul-Meyer en onderzoeker Ivo Blom aan het woord, o.a. in de Parisienbioscoopzaal, evenals Ilse Hughan, kleindochter van Jean Desmet en haar neef Maréchal Desmet.  Het programma is op 24 februari 2015 om 21.20 u te zien op NPO 2.

    Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 5

    woensdag 18 februari 2015

    In het kader van de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van vijf bijzondere archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. De vijfde en tevens laatste aflevering van deze serie gaat over de prijs die Desmet moest betalen voor het kleuren van film.


    De prijs van inkleuren per meter
    "In de tijd van Desmet werden bijna alle films achteraf gekleurd. In de tentoonstelling is mooi te zien dat hier drie technieken waren: tinting, toning en inkleuren. Het inkleuren van film (wat bij Pathé door een leger dames met lange jurken gedaan werd, zoals een foto op de tentoonstelling laat zien) was veel bewerkelijker en daardoor ook vier keer zo duur als tinting. Dit kostte respectievelijk 40 en 10 centimes per meter film, zoals deze factuur van Léon Gaumont laat zien."

    Na 1916 waren de wilde filmpioniersjaren voorbij en vond Desmet de filmwereld niet meer echt interessant, aldus Meyer. "Hij moest heel hard werken voor steeds kleinere marges. Desmet was een echte ondernemer en wilde snel en in korte tijd veel geld verdienen. Dus zocht hij zijn geluk op andere terreinen, zoals het lucratieve onroerend goed en amusementsprojecten. Wel zou hij nog tot zijn dood  zijn geliefde Parisienbioscoop in Amsterdam blijven voortzetten."
    archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 4

    dinsdag 17 februari 2015

    In het kader van de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van vijf bijzondere archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. In aflevering 4 van deze serie verliest Desmet de concurrentiestrijd om een populaire filmster.

    Filmdiva’s op de voorgrond

    "Op een gegeven moment gingen de filmproducenten met sommige handelaren exclusieve contracten afsluiten. Op die manier kreeg Desmets concurrent Gildemeyer bijvoorbeeld alle films waarin Asta Nielsen meespeelde. Dat haar films daardoor buiten Desmets bereik kwamen, was een grote tegenvaller voor hem. De populariteit van films werd net zoals nu nog voor een belangrijk deel bepaald door de acteurs en vooral de vrouwelijke filmdiva’s die erin meespeelden. Dit is ook te zien aan het publiciteitsmateriaal uit Desmets archief, zoals hier de brochure van De Vorstin van Monte Cabello (orig. titel Sangue bleu, 1914, Italië)."

    archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 3

    maandag 16 februari 2015

    In het kader van de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van vijf bijzondere archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. In aflevering 3 van deze serie is te zien hoe Desmet inspeelde op de concurrentie. 

    Concurrentie 

    "Bij het inkopen van films die Desmet vertoonde in zijn reisbioscoop en later in de eerste vaste bioscopen voer hij zijn eigen koers en probeerde hij zich te onderscheiden van zijn concurrenten. Eerst kocht hij veel tweedehands. Bij een reisbioscoop had je niet veel films nodig, want in elke stad is een ander publiek. Later, toen de vaste bioscopen opkwamen, had je steeds nieuwe films nodig. De films die Desmet kocht vonden gretig aftrek bij andere bioscoophouders en zo zou Desmet niet alleen als vertoner, maar ook als distributeur groot worden. Als hij films ging inkopen hield hij op zijn lijstjes ook bij wat zijn concurrenten kochten, zoals Nöggerath en Gildemeyer. Hun inkopen gaf hij aan met een N of een G."

    archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 2

    vrijdag 13 februari 2015

    In het kader van de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van vijf bijzondere archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. In aflevering 2 van deze serie krijgen we een inkijkje in Desmets inventaris.

    Desmet als succesvol zakenman

    "Op deze verzekeringspolis zie je de inventaris van Desmet uit 1907. Hij had toen net zijn reisbioscoop opgericht. In zijn inboedel bevond zich onder andere een orgel. In totaal bedroeg zijn bezittingen 28.000 gulden, toentertijd heel veel geld, omgerekend zou dat nu zo'n zeven ton zijn. Hij was dus toen al een zeer succesvol zakenman."

    archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 1

    donderdag 12 februari 2015

    In EYE is nog tot en met 12 april 2015 de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) te zien.  Aan zijn verzameldrift –hij bewaarde elk bonnetje- heeft Nederland een collectie films uit de jaren tien te danken, dat in combinatie met het bedrijfsarchief uniek is in de wereld en daarom is bijgeschreven op de UNESCO-lijst voor documentair erfgoed. De collectie geeft een prachtig inkijkje in Desmets strategieën en succes als filmdistributeur -en  vertoner.  Hierover interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. 

    Dwarsdoorsnede van het bioscoopbedrijf
    “Het is heel bijzonder en uniek dat het complete bedrijfsarchief van Jean Desmet bewaard is gebleven”, vertelt Meyer. “Alles bij elkaar geeft dit een dwarsdoorsnede van het bioscoopbedrijf in de jaren tien. Naast de filmcollectie vertelt dus ook het bedrijfsarchief een eigen verhaal. Veel boeken en exposities over film gaan alleen over filmstijl, maar door dit bronnenmateriaal kom je echt veel te weten over de meer zakelijke  kant,  het reilen en zeilen van de filmwereld, die minstens zo interessant is.”    

    Dronken filmpianist
    “Als filmvertoner en -distributeur hield hij zich bezig met praktische zaken zoals: hoeveel kost film per meter, word ik bedrogen of niet, heb ik een dronken pianist in mijn bioscoop? Het wordt duidelijk uit zijn administratie dat Desmet misschien niet zozeer een cinefiel was, maar wel waanzinnig hard werkte. Hij reisde veel naar het buitenland voor allerlei beurzen en presentaties, bekeek enorm veel films om te bepalen welke hij wel en niet kocht. Hij wist dus echt waar hij het over had.”  

    Met Mark-Paul Meyer kijken we naar vijf objecten uit het bedrijfsarchief in de tentoonstelling, die ons een fascinerend inzicht geven in de hoogtijdagen van Desmets carrière van 1907 tot 1916. Vandaag nummer 1, een foto van zijn reisbioscoop The Imperial Bio op de Grote Markt in Groningen. 



    Reisbioscoop The Imperial Bio
    "Als kermisondernemer zette Desmet zijn eerste stappen  in de wereld van de cinema met de aankoop van een reisbioscoop in 1906, de Imperial Bio, op deze foto te zien. Desmet was relatief laat met zijn reisbioscoop, deze bestonden al zo’n 10 jaar in Nederland. Hij moest dus iets nieuws verzinnen om zijn concurrenten de loef af te steken. De voorgevel heeft hij in ‘keizerlijke’ stijl laten maken om de bezoekers te imponeren. Waar de meeste reisbioscopen vrij oncomfortabel waren- krappe tochtige tenten met gammele houten stoeltjes- was hier alles perfect verzorgd, met 300 pluche stoelen. Alles werd ingezet om de bezoeker te vermaken en te verwennen."






    bioscopen, archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • De filmfabriek van Franz Anton Nöggerath en zn.

    donderdag 30 oktober 2014

    Filmpionier Jean Desmet is inmiddels behoorlijk bekend en zijn archief tot Werelderfgoed verklaard. Maar wie kent zijn concurrent Franz Anton Nöggerath? Eind 19e eeuw maakte hij voor zijn eigen theater filmpjes met impressies en actualiteiten, veelal in Amsterdam, die nu bekend staan als de oudste Nederlandse films.

    Door een brand in zijn theater in 1902 is hier helaas veel van verloren gegaan.  Zijn compilatie De oudste beelden van Amsterdam dook echter begin jaren twintig weer op en is nu geconserveerd en gedigitaliseerd samen met drie andere oude films in het  project 'Breng Amsterdam in Beeld'. 

    FAN sr.
    De van oorsprong Duitse Franz Anton Nöggerath Sr. (1859-1908) was de uitbater van Variététheater Flora aan de Amstelstraat in Amsterdam. In 1896 werd hier voor het eerst in Amsterdam een film vertoond, wat meteen een groot succes was. Ook bij de daaropvolgende voorstellingen liep het zo storm, dat Nöggerath besloot zelf filmapparatuur te kopen. Hij gaf opdracht om actualiteiten te filmen.Zo kon je wat overdag gebeurd was, 's avonds al zien in het theater. Hij filmde in 1898 de inhuldiging van prinses Wilhelmina en een jaar later de Boerenoorlog. Hiervoor ging hij niet naar Zuid-Afrika, maar huurde wat leeuwen uit Artis.

    Daarnaast werden veel uit het buitenland geïmporteerde films vertoond en verhuurd. Na de dood van zijn vader nam Franz Anton Nöggerath Jr. (1880-1940) het bedrijf over en ging zich richten op de speelfilmproductie.

    Nabij Amsterdam vestigde hij de Franz Anton Nöggerath (FAN)-filmfabriek, waar films werden opgenomen, ontwikkeld, gemonteerd, gekopieerd en ten slotte gedistribueerd over de hele wereld.

    FAN jr.
    De Flora werd verkocht aan concurrent Jean Desmet, die hier zijn grote droom wilde realiseren: een amusementspaleis compleet met bioscoop, kunstijsbaan, concertzaal en dakterras. Deze wens zou echter  nooit in vervulling gaan.

    In tegenstelling tot Desmets omvangrijke archief, is van de Nöggeraths helaas bijna niets meer over: het enige van Senior in het archief van EYE is onderstaande brief uit 1903. Van Junior zijn er nog enkele archivalia, maar die toch interessant zijn: een brochure uit 1912 over de filmfabriek en twee plakboeken met recensies en publiciteit uit de jaren tien en twintig, waaronder onderstaande advertentie. De inventaris van het archief is op aanvraag beschikbaar.

    Brief van Nöggerath sr. naar aanleiding van de brand in Flora

    Advertentie van Nöggerath jr. waaruit blijkt dat er zowel films werden verhuurd, als eigen opnamen werden gemaakt.

    bioscopen, Franz Anton Nöggerath, filmstudio's, archief, Jean Desmet
  • Opening en documentaire Parisienbioscoopzaal

    donderdag 16 oktober 2014



    Op woensdag 22 oktober vindt om 21:00 de opening plaats van de historische Parisienbioscoopzaal in De Filmhallen in Amsterdam. Het publiek kan dan voor het eerst in twee jaar weer plaatsnemen in het fraaie art deco interieur dat in 1924 werd ingebouwd in de Parisienbioscoop aan de Nieuwendijk, en kijken naar de Found Footagefilm Final cut, ladies and gentlemen van de Hongaarse regisseur György Pálfi. EYE zal de programmering van de zaal voor haar rekening nemen.  

    Op dit moment wordt er bovendien gewerkt aan een korte documentaire over de illustere geschiedenis van het interieur, door filmmaker Jan Willem Looze. In de documentaire zal onder andere historisch filmmateriaal te zien zijn van de zaal, en een interview met Ilse Hughan, Jean Desmets kleindochter die ervoor zorgde dat het interieur bewaard bleef. Ook komt de architect André van Stigt aan het woord, die werkt aan de verbouw van de Hallen. Hij kende de Parisienzaal al doordat zijn vader Joop van Stigt deze destijds in het voormalige Vondelparkpaviljoen van EYE heeft ingebouwd.

    Voor meer informatie over het Parisieninterieur, klik hier. 


    bioscopen, Werelderfgoed, Jean Desmet
  • Interieur Parisienbioscoopzaal in De Filmhallen

    donderdag 9 oktober 2014

    In de nieuwe bioscoop De Filmhallen in Amsterdam wordt op dit moment een heel bijzondere filmzaal ingebouwd. Dit prachtige art deco interieur komt oorspronkelijk uit de bioscoop Cinema Parisien, een van Nederlands eerste bioscopen. Van 1910 tot 1987 was deze aan de Nieuwendijk 69 in Amsterdam gevestigd. Daarna is het interieur geschonken aan EYE, waar het in een van de bioscoopzalen in de voormalige locatie van EYE, het Vondelparkpaviljoen stond opgesteld. Na de opening van de nieuwe gebouw van EYE, waar dit interieur niet in te passen bleek, werd het tijdelijk opgeslagen. Het project De Filmhallen maakte het mogelijk het opnieuw te tonen, in zaal 7, die door EYE ook geprogrammeerd zal worden. Op onderstaande foto is al een deel van het interieur te zien. Het is de bedoeling dat Parisienzaal eind oktober in gebruik zal worden genomen.

    Foto: Jan Hein Bal


















    Vanaf de opening tot 1956 was de vermaarde bioscoopondernemer Jean Desmet directeur van Cinema Parisien. Het is de enige bioscoop die hij zijn leven lang heeft uitgebaat. Hij had ook zijn hoofdkantoor hierboven gevestigd. In de beginjaren werden er doorlopend korte filmpjes vertoond en het was er zo druk dat mensen naar verluidt onder het scherm door via de nooduitgang naar buiten werden geduwd. Het lag naast het bioscoopje Centraal, waar in de jaren zestig en zeventig hetzelfde soort films werd vertoond (ietwat pikante derderangsfilms) in een louche bocht waar de gemiddelde Amsterdammer liever niet gezien wilde worden. In 1987 sloot Parisien en het pand werd afgebroken.

    Cinema Parisien in de jaren '70
    Desmets kleindochter Ilse Hughan schonk het Parisieninterieur aan het Filmmuseum. Het kreeg weer een tweede leven als filmzaal in het Vondelparkpaviljoen en werd toegevoegd aan de rijke Desmet-collectie, die inmiddels tot Werelderfgoed is verklaard. EYE wijdt hieraan van 14 december 2014 t/m 12 april 2015 een uitgebreide tentoonstelling: Jean Desmets Droomfabriek-De avontuurlijke jaren van de film (1907-1916).

    Klik hier voor de inventaris van het Desmet-archief, dat compleet gedigitaliseerd is, raadpleegbaar in de bibliotheek, en hier voor de serie artikelen over Desmet die eerder op dit blog verscheen.

    bioscopen, Werelderfgoed, Jean Desmet

Pagina's