Collectieblog

  • De krullevaar uit Pluk van de Petteflet terug in het museum

    vrijdag 26 juni 2015


    De krullevaar uit Pluk van de Petteflet is terug in het museum. Deze bijna uitgestorven maar vrolijke vogel met haren in plaats van veren lag tot voor kort opgeslagen in het depot van EYE. Sinds deze week is hij weer te bekijken in de familietentoonstelling De vrolijke wereld van Fiep, tot en met 6 maart 2016 in het Limburgs Museum in Venlo. En Fiep is natuurlijk Fiep Westendorp (1916-2004), de maakster van de beroemde tekeningen van de kinderboeken van Annie M.G. Schmidt.

    Van deze 'grande dame onder de Nederlandse illustratoren' zoals zij genoemd wordt, zijn vierhonderd originele werken te zien in deze overzichtstentoonstelling.

    De krullevaar is een zeldzame vogel die zijn ouders kwijt is. Hij komt uit een groot oranje ei dat Pluk heeft gevonden. Als hij in handen dreigt te vallen van een sluwe museumdirecteur, die hem wil opzetten en tentoonstellen in zijn museum, weten Pluk en zijn vriendjes hem gelukkig te redden. Daarna leert hij weer vliegen en vindt hij zijn familie terug, die toch nog in leven blijkt te zijn.


    De echte krullevaar in het boek, tekening Fiep Westendorp

    Het boek Pluk van de Petteflet uit 1971 werd in 2004 verfilmd door Ben Sombogaart en Pieter van Rijn. In het archief van producent Burny Bos bij  EYE bevindt zich niet alleen de krullevaar, maar ook het autootje van Pluk. Een replica van dit autootje staat ook in de tentoonstelling, op bovenstaande foto te zien achter de krullevaar, zodat kinderen er me kunnen spelen.

    Still uit Pluk van de Petteflet

    Nederlandse film, props
  • Première Fietsen naar de maan

    vrijdag 19 juni 2015

    Johan Walhain in een still uit Fietsen naar de maan

    Op 28 juni gaat in EYE de gloednieuwe restauratie van Fietsen naar de Maan  uit 1963 in première. Deze speelfilm is een door de nouvelle vague geïnspireerd tijdsdocument van het volkse Amsterdam vlak voor de opmars van Provo en hippies, en vormde het debuut van Jeroen Krabbé. Het oorspronkelijke beeld-en geluidsnegatief van de bioscoopversie waarop de restauratie gebaseerd is, werd vorig jaar teruggevonden in het Stadsarchief Amsterdam.

    In de film van Jef van der Heyden spelen Bernhard Droog, Johan Walhain en Ton Lensink drie broers:  een politieman, een schroothandelaar en een kunstenaar. De drie vertegenwoordigen elk één van de eigenschappen van hun overleden vader, namelijk charmante onhandigheid, een artistieke aanleg en een speelse zakelijkheid. Hun worstelingen met het leven leiden tot allerlei tragikomische situaties. De fiets bepaalde toen ook al het stadsbeeld, en de titel symboliseerde volgens de regisseur destijds "het menselijke streven naar het onbereikbare".
    

    Regisseur Jef van der Heyden op de set bij Fietsen naar de maan


    Voor de binnenopnames werden decors gebouwd in de Amsterdamse filmstudio Cinetone (de huiskamers van twee van de broers en een kroeginterieur), maar de buitenopnames geven een mooi beeld van de sfeer in de stad.

    De film past in een beweging van jonge regisseurs met een klein budget die steeds meer op straat gingen filmen om het 'echte leven' te vangen. Dit werd toen mogelijk doordat de filmapparatuur lichter en goedkoper werd. Van der Heyden filmde (vaak met een verborgen camera) op vele plekken in de stad, onder andere het Waterlooplein en het Leidseplein.

    Het publiek interesseerde het echter niet; bij de meeste bioscopen werd hij na een week al uit de roulatie gehaald, en voor de recensenten kon de film de vergelijking met de Franse nouvelle vague niet doorstaan. De regisseur en de producent P. Hans Frankfurter raakten gebrouilleerd, waardoor de film later ook nooit op dvd of video is uitgekomen.

    Met terugwerkende kracht wordt nu de onschatbare waarde van de film ingezien en komt deze alsnog in een beperkte oplage uit op een dvd. Bij de première wordt deze uitgereikt en zijn Maartje van der Heyden en Guido Frankfurter, de kinderen van respectievelijk de regisseur en de producent (inmiddels beiden overleden) te gast evenals Michiel Kerbosch, die als 16-jarige in de film meespeelde.
    

     

    Aankondiging, uit het archief van P. Hans Frankfurter

    In de archieven van EYE bevindt zich een aantal still- en werkfoto's, evenals het scenario, publiciteitsmateriaal en enkele brieven van de regisseur. Een treffende terugblik op Fietsen naar de Maan is te vinden in een artikel in Ons Amsterdam van Harry Hosman, die werkt aan een boek over Amsterdam in de film:

    "Zelden gaf Amsterdam zich zo bloot in een Nederlandse speelfilm. De straten, de havens, de pleinen, de stegen en grachten, ze zijn adembenemend grijs, grauw, vies. Maar tegelijk onweerstaanbaar aantrekkelijk en mooi. Fietsen naar de maan ademt de triestheid van het vergaan van de tijd."
     

     

    filmcamera, still, publiciteitsmateriaal, werkfoto, archief, Nederlandse film
  • Animatiefilmpjes St. Joost: Angst voor het moderne

    donderdag 11 juni 2015


    Een groep  vierdejaars animatiestudenten van de Academie AKV|St.Joost heeft korte geanimeerde teasers gemaakt van ongeveer 1 minuut waarbij zij zich hebben laten inspireren door de Filmgerelateerde collecties van EYE.  In een serie publiceren we deze filmpjes, die ook als voorfilm  kunnen worden gebruikt.

    Veel van de filmmakers hebben, om een indruk te krijgen van de veelzijdigheid van de  Filmgerelateerde Collecties, dit blog als vertrekpunt gebruikt. 


    Om deze trailer te bekijken moet je Youtube cookies accepteren klik hier






    In het filmpje Angst voor het moderne brengt Raymon Wittenberg drie affiches uit de jaren tien van de twintigste eeuw uit de collectie van EYE tot leven. Hierin zijn voor die tijd nieuwe vervoersmiddelen in actie te zien: een auto, trein en vliegtuig. Door in te zoomen op de gezichten van de inzittenden en omstanders, wordt de spanning en fascinatie benadrukt die de kracht en snelheid bij hen teweegbracht.

    Wittenberg maakte zelf 3D modellen van een auto, trein en vliegtuig die uit de 'affiches' vliegen. Op zijn blog brengt de maker uitgebreid het werkproces van dit filmpje in beeld.  Jeroen Buskes zette met spannende muziek de beelden kracht bij. Hieronder de drie gebruikte affiches:


    The Freight Train Drama (1912)





    L'Automobile della Morte (1912)


    Barrabas (1914)

     
    affiches, AKV/St.Joost, affiche, animatie
  • Panorama van filmapparaten: Mutoscoop

    donderdag 4 juni 2015

    In de kelder van EYE is het Panorama te zien, een permanente tentoonstelling waarin de geschiedenis van de cinema wordt weergegeven met filmapparaten uit de collectie. Bevlogen uitvinders en visionairs buigen zich al eeuwenlang over het vastleggen van licht en beweging in beeld. EYE brengt een reis door de tijd aan de hand van filmapparaten, die belangrijke wendingen in de filmgeschiedenis markeren. Duidelijk wordt dat de geschiedenis van de film niet begon in 1896, zoals wij allemaal denken, maar veel verder terug.

    In een serie op dit blog duiken we in deze wondere wereld van de filmapparatuur. In de vorige afleveringen vertelden we over het diorama, waarschijnlijk het oudste object uit de collectie, de magische toverlantaarn en de Kinamo compact camera uit 1924. 

    Deze keer presenteren we het grootste apparaat uit de serie: de mutoscoop. Dit apparaat uit ongeveer 1900 is het best te omschrijven als de mechanische vorm van het bekende flipboekje, waarbij er door verschillende pagina's te rollen, de illusie van beweging ontstaat. Door de kijker bovenin en draaiend aan de hendel rechts kon maar één persoon tegelijk het filmpje zien. Daarom werd het waarschijnlijk vooral in café's en op kermissen gebruikt. 

    Dit exemplaar is van de American Mutoscope and Biograph Co. uit New York en er zit een scène uit de korte film The Waiter (1914) van Charlie Chaplin op. Er bovenop stond een titelbordje en er zat een geldbakje bij. Als de klep in de vorm van een schelp eraf wordt gehaald, zie je op de foto rechts de binnenkant, met een eindeloze hoeveelheid stukjes papier, die je als frames zou kunnen beschouwen.

    apparaten, Charlie Chaplin, apparatuurcollectie, Mutoscope, Apparatuur
  • Panorama van filmapparaten: de Mutoscoop

    donderdag 4 juni 2015


    In de kelder van EYE is het Panorama te zien, een permanente tentoonstelling waarin de geschiedenis van de cinema wordt weergegeven met filmapparaten uit de collectie. Bevlogen uitvinders en visionairs buigen zich al eeuwenlang over het vastleggen van licht en beweging in beeld. EYE brengt een reis door de tijd aan de hand van filmapparaten, die belangrijke wendingen in de filmgeschiedenis markeren. Duidelijk wordt dat de geschiedenis van de film niet begon in 1896, zoals wij allemaal denken, maar veel verder terug.

    In een serie op dit blog duiken we in deze wondere wereld van de filmapparatuur. In de vorige afleveringen vertelden we over het diorama, waarschijnlijk het oudste object uit de collectie, de magische toverlantaarn en de Kinamo compact camera uit 1924. 

    Deze keer presenteren we het grootste apparaat uit de serie: de mutoscoop. Dit apparaat uit ongeveer 1900 is het best te omschrijven als de mechanische vorm van het bekende flipboekje, waarbij er door verschillende pagina's te rollen, de illusie van beweging ontstaat. Door de kijker bovenin en draaiend aan de hendel rechts kon maar één persoon tegelijk het filmpje zien. Daarom werd het waarschijnlijk vooral in café's en op kermissen gebruikt. 


    Dit exemplaar is van de American Mutoscope and Biograph Co. uit New York en er zit een scène uit de korte film The Waiter (1914) van Charlie Chaplin op. Er bovenop stond een titelbordje en er zat een geldbakje bij.Als de klep in de vorm van een schelp eraf wordt gehaald, zie je op de foto rechts de binnenkant, met een eindeloze hoeveelheid stukjes papier, die je als frames zou kunnen beschouwen.


    apparaten, Charlie Chaplin, apparatuurcollectie, Mutoscope, Apparatuur
  • Filmmaker René van Nie komt zijn archief brengen

    vrijdag 29 mei 2015

    https://fbcdn-sphotos-d-a.akamaihd.net/hphotos-ak-xpa1/t31.0-8/11174657_825155544244366_4310661059694233909_o.jpg

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Filmmaker René van Nie met  Soeluh van den Berg, Hoofd afdeling curatoren van EYE. Foto Bubo Damen

    De op Aruba wonende Filmmaker René van Nie heeft persoonlijk zijn archief overgedragen aan EYE. Dit deed hij ter gelegenheid van de première van de onlangs verschenen documentaire Kind van de Zon. Hierin wordt de maker van 200 documentaires voor verschillende ministeries, instellingen en bedrijven en ruim 300 bioscoop- en televisiespots en korte films, die 'een rijk leven leidde vol geld en vrouwen' geportretteerd.

    René van Nie (Overschie,1938) kwam al op jonge leeftijd in dienst als assistent bij filmpionier Max de Haas en zijn filmmaatschappij Visie. Voor de Hilversumse filmfabriek Cinecentrum en later als freelance cameraman zou hij meewerken aan meer dan 3000 items voor de Nederlandse en buitenlandse televisie en in opdracht voor vooral culturele instellingen. Hij legde zich toe op het schrijven, produceren en regisseren van documentaires en portretten, zoals de (destijds) spraakmakende film Bronbeek bijvoorbeeld (1969) over oud-strijders in tehuis Bronbeek te Arnhem. 

    Na zijn eerste korte speelfilm Blackmail  (1970) volgden nog vijf lange speelfilms, waaronder de taboedoorbrekende film Doodzonde (1978, zie het publiciteitsmateriaal hieronder) met een sterrencast waaronder Willeke van Ammelrooy, René Soutendijk en Jan Decleir. Zijn strenge Rooms-katholieke opvoeding zou de inspiratiebron zijn geweest voor deze film, waarin een groep kritische kunstenaars een kerk bezet om de sloop te voorkomen.

    Halverwege de jaren tachtig stopte hij met filmen en vestigde zich op Aruba, waar hij zich wijdt aan schrijven, kunst en een eigen eethuisje. De actrice en tv-presentatrice Nada van Nie is zijn dochter.

    Het archief bevat met name krantenknipsels, recensies en oorkondes, maar ook publiciteitsmateriaal voor films. Opvallend onderdeel hiervan zijn onderstaande stillfoto en het uiteindelijke, hierop gebaseerde affiche van Doodzonde. Zoek de verschillen!

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Max de Haas, René van Nie, archief, Nederlandse film
  • Henk Kabos: art-director van Tom Poes, Tekko Taks en Loeki de Leeuw

    donderdag 21 mei 2015

    Zelfportret, 1980



    Onlangs heeft EYE het archief ontsloten van animator, striptekenaar en illustrator Henk Kabos (1912-1984). Zijn carrière was nauw verbonden met de animatiestudio's van Joop Geesink en Marten Toonder. Voor de eerste werkte hij in de jaren zeventig mee aan de STER-filmpjes met misschien wel de beroemdste Nederlandse pop: Loeki de Leeuw.  

    http://www.dutch-vintage-animation.org/images/PDF-files/1977-27-12-1977-Afscheid-HenkKabos.jpg

    Hij begon bij Geesink als animator nadat hij de Kunstnijverheidsschool had afgerond. Toen de studio in het volgende jaar samenging met de studio van Marten Toonder werkte hij mee aan de tekenfilm die gebaseerd was op het stripverhaal 'Tom Poes en de Laarzenreuzen'. Hij tekende ook korte tijd aan de 'Tom Poes' strip, die Marten Toonder dagelijks voor De Telegraaf maakte. 


    Tegen het einde van de oorlog werkten Kabos en Toonder mee aan het illegale blad Metro, Kabos onder het pseudoniem Karel Woud. In dezelfde periode maakte hij illustraties voor de boekjes 'Keukenkrabbels' en 'Geef ons heden ons dagelijks brood' van Jan Gerhard Toonder.
    Zijn bekendste zelfbedachte stripreeks was 'Tekko Taks'. De eerste drie verhalen over deze rentenierende takshond verschenen kort na de oorlog in De Nieuwe Nederlander, daarna ging de strip door in Trouw.  'Tekko Taks' heeft tot in de jaren zeventig in verschillende nationale en internationale kranten gestaan.

    Hoewel 'Tekko Taks' nog steeds door de Toonder Studio's werd gedistribueerd, was Kabos zelf in 1949 alweer teruggekeerd naar Geesink. Hij werd uiteindelijk art director bij diens Dollywood Studio's en werkte mee aan prijswinnende poppenfilms als 'Philips' Lamplight Band' (1957), 'Lightconcert in the Zoo' (1963) en de filmpjes met het figuurtje 'Dutchy' in opdracht van het Nederlands Zuivelbureau in Den Haag. Samen met animator Cor Icke werkte hij vanaf 1973 als regisseur en ontwerper mee aan de filmpjes met 'Loeki de Leeuw', die in de reclameblokken van de Ster werden vertoond.  

    In het archief, dat via het opgeheven Nederlands Instituut voor Animatiefilm (NIAf) bij EYE terecht is  gekomen, bevindt zich met name veel artwork, ontwerpen in diverse technieken die als basis werden gebruikt om cells of poppen van te maken voor animatiefilms, maar ook enkele driedimensionale objecten. Hieronder bevinden zich enkele poppen, waaronder twee Loeki de Leeuwfiguren en een insect uit een film over insecticiden. Ook zijn er drie plakboeken met veel beeldmateriaal van zijn werk.



    Nederlands Instituut voor Animatiefilm (NIAf), Marten Toonder, Joop Geesink, animatie
  • Archief familie Kinsbergen: een leven in film en theater

    donderdag 7 mei 2015

    In EYE is kort geleden een interessant archief ontsloten over de familie Kinsbergen, wiens geschiedenis nauw verbonden was met de vroege film- en theaterwereld. Dochter Coba was op latere leeftijd bevriend geraakt met de vermaarde filmhistoricus en vroege film-verzamelaar Geoffrey Donaldson (aan wie nu ook een klein museum is gewijd). Via hem is het archief uiteindelijk bij EYE terechtgekomen. 

    Jacoba Helena (Coba) Kila-Kinsbergen (1895-1985) begon al als klein meisje met toneelspelen. In 1913 kreeg ze een contract bij de net opgerichte Haarlemse Filmfabriek Hollandia. 

    Tijdens de Eerste Wereldoorlog vormde zij een dansduo 'Kitty en Teddy' met haar toenmalige verloofde en collega-acteur Theo Frenkel Jr. In 1918 kwam echter een einde aan zowel het dansduo als hun verloving. Frenkel zou enkele jaren later met Lily Bouwmeester trouwen. Op de publiciteitskaart hiernaast is Coba met haar eerste echtgenoot Eduard IJdo te zien in de film Het circusmeisje in 1922. Coba zou met de komst van de geluidsfilm als een van de eerste Nederlandse artiesten vanaf het witte doek in het Nederlands een bioscooppubliek toezingen.

    Na de bevrijding leidde ze met haar tweede echtgenoot John Kila met groot succes het Haagse theater ‘De Kleine Comedie’, totdat het gebouw moest worden afgebroken in 1954. Volgens Donaldson was dit een zware slag, die Coba nooit heeft kunnen verwerken. Daarna trok zij zich volledig uit de artiestenwereld terug.

    Haar acteertalent had ze zeker geërfd van haar moeder, Francisca Catharina Kinsbergen-Rentmeester (1873-1938), die ook in theater en film te zien was. Catharina was lid van het gezelschap Gebr. A. van Lier  en speelde ondertussen ook in de Salon des Variétés. In films speelde zij in de jaren 1910 (waaronder de Oorlog en Vrede-trilogie van Maurits H. Binger). Op deze publiciteitsfoto uit 1911 poseert ze met Eduard Jacobs in een exotisch decor in de film Amsterdam op hol!

    Ook Coba's vader Solomon (Sol) J. Kinsbergen (1867 – 1956) hield van de bühne. Hij was musicus en kapelmeester en trad ook op in theaters. In de jaren tien was hij directeur van het Amsterdamse Panopticum, een wassenbeeldenfabriek en -museum, waarin vanaf 1912 ook een theater huisde. In 1915 werd dit theater omgedoopt tot Centraal-Theater, zijn eerste bioscoop in Amsterdam. Later zou hij ook in Den Haag de bioscoop het Passage-theater oprichten. 

    In het archief is over alle drie de gezinsleden interessant materiaal te vinden, waaronder plakboeken van Coba en knipselboeken over het Panopticum. 

    archief, Zwijgende film, Eerste Wereldoorlog, Geoffrey Donaldson Instituut, Nederlandse film
  • Vondst in EYE: Kleurenfilm over de bevrijding

    donderdag 30 april 2015


    Framestill uit de film Herwinnen door werken (A. Roosdorp, 1945, Nederland)
    In de filmkluizen van EYE is onlangs een bijzondere ontdekking gedaan: een kleurenfilm die vlak na de bevrijding is opgenomen, Herwinnen door werken. 70 jaar na de bevrijding werd de film op 3 mei vertoond in EYE, met live commentaar van Dirk Staat, conservator public History van het Nationaal Militair Museum.

    De film is opgenomen in Deventer door fotograaf en cineast Alex Roosdorp en zijn vrouw. Ze legden de vele verwoestingen vast, de armoede, maar ook de bevrijdingsfeesten en hoe Nederland langzaam weer begon op te krabbelen en het gewone leven probeerde te hervatten.

    De vondst werd bekendgemaakt op de onlangs gehouden Kleurenconferentie The Colour Fantastic, en is uniek aangezien er in die tijd in Nederland nog nauwelijks films in kleur waren. De eerste speelfilm in kleur, Jenny (Willy van Hemert), is bijvoorbeeld pas in 1958 uitgekomen.

    In de Filmgerelateerde collecties bevinden zich enkele stillfoto's van Herwinnen door werken. Deze waren nog wel in zwart-wit geschoten met een fotocamera. De afbeelding bovenaan dit artikel is een framestill, dat is geen foto maar een beeldje uit de film zelf. Hieronder is ook een fragment uit de film te zien.



    Stillfoto's Herwinnen door werken (A. Roosdorp, 1945, Nederland)
     

    Om deze trailer te bekijken moet je Youtube cookies accepteren klik hier




    In EYE werden op 4 en 5 mei nog twee andere films vertoond die kort na de oorlog werden gemaakt, en waarbij op deze periode terug werd gekeken: LO/LKP (1949, Max de Haas) en De Dijk is Dicht (1950, Anton Koolhaas).

    Sinds 2 mei is Herwinnen door werken ook te zien in het Nationaal Militair Museum in Soest in de tentoonstelling De zomer van ‘45. Ook zijn er in het tv-programma Andere Tijden fragmenten opgenomen in de aflevering van 14 april over de Wieringermeer en in haar special over de bevrijding.
    still, Tweede Wereldoorlog, foto
  • Tentoonstelling Sisi in Paleis Het Loo

    donderdag 23 april 2015


    Affiche van Sissi (Ernst Marischka, 1955, Duitsland) Collectie EYE

    Na de tentoonstelling over Grace Kelly is er in Paleis Het Loo wederom een grote tentoonstelling waarin film en beeldvorming een grote rol speelt: SISI, sprookje & werkelijkheid, over keizerin Elisabeth van Oostenrijk-Hongarije. Haar leven werd geromantiseerd in de beroemde Sissi-trilogie uit de jaren vijftig met Romy Schneider in de hoofdrol. In de expositie worden vele draden uit de kluwen van mythe, film en werkelijkheid die mede hierdoor is ontstaan rondom Sisi ontward.

    Het lijkt bijvoorbeeld vreemd dat Sisi met één s wordt gespeld, maar dit was haar echte bijnaam en zo ondertekende ze haar brieven aan intimi. De regisseur van de trilogie, Ernst Marischka, vond de schrijfwijze Sissi echter mooier, waardoor zij onder deze naam bekend is gebleven.

    Persfoto van Sissi (Ernst Marischka, 1955, Duitsland) Collectie EYE

    De filmtrilogie toont haar levensloop tot de kroning in Hongarije. Over de tweede helft van haar leven is daardoor veel minder bekend. Toch werd pas daarna haar leven echt dramatisch. De film Ludwig (Luchino Visconti, 1972, Italië), waarin Schneider een oudere Sisi speelt, geeft volgens Spliethoff  een meer realistisch beeld van Sisi's karakter. In 1898 doodde haar 30-jarige zoon Rudolf zijn geliefde en zichzelf. Elizabeth raakte daardoor in een depressie. Door een ongelukkige samenloop van omstandigheden werd ze negen jaar later door een Italiaanse anarchist vermoord in Genève.

    EYE heeft voor deze tentoonstelling foto's en affiches in bruikleen gegeven, waarvan enkele te zien zijn in dit artikel. Eén van de affiches is  uitvergroot als banner bij de ingang van het paleis opgehangen. Ook is er een bioscoopzaaltje ingericht waarin fragmenten uit de films in een loop worden vertoond. 

    Romy Schneider, affiche, foto

Pagina's