Collectieblog

  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 5

    woensdag 18 februari 2015

    In het kader van de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van vijf bijzondere archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. De vijfde en tevens laatste aflevering van deze serie gaat over de prijs die Desmet moest betalen voor het kleuren van film.


    De prijs van inkleuren per meter
    "In de tijd van Desmet werden bijna alle films achteraf gekleurd. In de tentoonstelling is mooi te zien dat hier drie technieken waren: tinting, toning en inkleuren. Het inkleuren van film (wat bij Pathé door een leger dames met lange jurken gedaan werd, zoals een foto op de tentoonstelling laat zien) was veel bewerkelijker en daardoor ook vier keer zo duur als tinting. Dit kostte respectievelijk 40 en 10 centimes per meter film, zoals deze factuur van Léon Gaumont laat zien."

    Na 1916 waren de wilde filmpioniersjaren voorbij en vond Desmet de filmwereld niet meer echt interessant, aldus Meyer. "Hij moest heel hard werken voor steeds kleinere marges. Desmet was een echte ondernemer en wilde snel en in korte tijd veel geld verdienen. Dus zocht hij zijn geluk op andere terreinen, zoals het lucratieve onroerend goed en amusementsprojecten. Wel zou hij nog tot zijn dood  zijn geliefde Parisienbioscoop in Amsterdam blijven voortzetten."
    archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 4

    dinsdag 17 februari 2015

    In het kader van de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van vijf bijzondere archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. In aflevering 4 van deze serie verliest Desmet de concurrentiestrijd om een populaire filmster.

    Filmdiva’s op de voorgrond

    "Op een gegeven moment gingen de filmproducenten met sommige handelaren exclusieve contracten afsluiten. Op die manier kreeg Desmets concurrent Gildemeyer bijvoorbeeld alle films waarin Asta Nielsen meespeelde. Dat haar films daardoor buiten Desmets bereik kwamen, was een grote tegenvaller voor hem. De populariteit van films werd net zoals nu nog voor een belangrijk deel bepaald door de acteurs en vooral de vrouwelijke filmdiva’s die erin meespeelden. Dit is ook te zien aan het publiciteitsmateriaal uit Desmets archief, zoals hier de brochure van De Vorstin van Monte Cabello (orig. titel Sangue bleu, 1914, Italië)."

    archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 3

    maandag 16 februari 2015

    In het kader van de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van vijf bijzondere archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. In aflevering 3 van deze serie is te zien hoe Desmet inspeelde op de concurrentie. 

    Concurrentie 

    "Bij het inkopen van films die Desmet vertoonde in zijn reisbioscoop en later in de eerste vaste bioscopen voer hij zijn eigen koers en probeerde hij zich te onderscheiden van zijn concurrenten. Eerst kocht hij veel tweedehands. Bij een reisbioscoop had je niet veel films nodig, want in elke stad is een ander publiek. Later, toen de vaste bioscopen opkwamen, had je steeds nieuwe films nodig. De films die Desmet kocht vonden gretig aftrek bij andere bioscoophouders en zo zou Desmet niet alleen als vertoner, maar ook als distributeur groot worden. Als hij films ging inkopen hield hij op zijn lijstjes ook bij wat zijn concurrenten kochten, zoals Nöggerath en Gildemeyer. Hun inkopen gaf hij aan met een N of een G."

    archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 2

    vrijdag 13 februari 2015

    In het kader van de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van vijf bijzondere archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. In aflevering 2 van deze serie krijgen we een inkijkje in Desmets inventaris.

    Desmet als succesvol zakenman

    "Op deze verzekeringspolis zie je de inventaris van Desmet uit 1907. Hij had toen net zijn reisbioscoop opgericht. In zijn inboedel bevond zich onder andere een orgel. In totaal bedroeg zijn bezittingen 28.000 gulden, toentertijd heel veel geld, omgerekend zou dat nu zo'n zeven ton zijn. Hij was dus toen al een zeer succesvol zakenman."

    archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Het bedrijfsarchief van Jean Desmet, deel 1

    donderdag 12 februari 2015

    In EYE is nog tot en met 12 april 2015 de tentoonstelling over de vroege filmondernemer Jean Desmet ( 1875-1956) te zien.  Aan zijn verzameldrift –hij bewaarde elk bonnetje- heeft Nederland een collectie films uit de jaren tien te danken, dat in combinatie met het bedrijfsarchief uniek is in de wereld en daarom is bijgeschreven op de UNESCO-lijst voor documentair erfgoed. De collectie geeft een prachtig inkijkje in Desmets strategieën en succes als filmdistributeur -en  vertoner.  Hierover interviewden we Mark-Paul Meyer, die als senior curator de tentoonstelling mede heeft samengesteld. Aan de hand van archiefstukken in de expositie vertelt hij over Desmets Hollandse zuinigheid en kosmopolitische zakeninstinct, de hevige concurrentie en het exclusieve recht op filmsterren. 

    Dwarsdoorsnede van het bioscoopbedrijf
    “Het is heel bijzonder en uniek dat het complete bedrijfsarchief van Jean Desmet bewaard is gebleven”, vertelt Meyer. “Alles bij elkaar geeft dit een dwarsdoorsnede van het bioscoopbedrijf in de jaren tien. Naast de filmcollectie vertelt dus ook het bedrijfsarchief een eigen verhaal. Veel boeken en exposities over film gaan alleen over filmstijl, maar door dit bronnenmateriaal kom je echt veel te weten over de meer zakelijke  kant,  het reilen en zeilen van de filmwereld, die minstens zo interessant is.”    

    Dronken filmpianist
    “Als filmvertoner en -distributeur hield hij zich bezig met praktische zaken zoals: hoeveel kost film per meter, word ik bedrogen of niet, heb ik een dronken pianist in mijn bioscoop? Het wordt duidelijk uit zijn administratie dat Desmet misschien niet zozeer een cinefiel was, maar wel waanzinnig hard werkte. Hij reisde veel naar het buitenland voor allerlei beurzen en presentaties, bekeek enorm veel films om te bepalen welke hij wel en niet kocht. Hij wist dus echt waar hij het over had.”  

    Met Mark-Paul Meyer kijken we naar vijf objecten uit het bedrijfsarchief in de tentoonstelling, die ons een fascinerend inzicht geven in de hoogtijdagen van Desmets carrière van 1907 tot 1916. Vandaag nummer 1, een foto van zijn reisbioscoop The Imperial Bio op de Grote Markt in Groningen. 



    Reisbioscoop The Imperial Bio
    "Als kermisondernemer zette Desmet zijn eerste stappen  in de wereld van de cinema met de aankoop van een reisbioscoop in 1906, de Imperial Bio, op deze foto te zien. Desmet was relatief laat met zijn reisbioscoop, deze bestonden al zo’n 10 jaar in Nederland. Hij moest dus iets nieuws verzinnen om zijn concurrenten de loef af te steken. De voorgevel heeft hij in ‘keizerlijke’ stijl laten maken om de bezoekers te imponeren. Waar de meeste reisbioscopen vrij oncomfortabel waren- krappe tochtige tenten met gammele houten stoeltjes- was hier alles perfect verzorgd, met 300 pluche stoelen. Alles werd ingezet om de bezoeker te vermaken en te verwennen."






    bioscopen, archief, Jean Desmet, archief Desmet
  • Tentoonstelling Move on...! 100 jaar animatiekunst

    donderdag 5 februari 2015

    In KAdE in Amersfoort is vorige week de tentoonstelling Framestill uit de poppenfilm Philips Broadcast (George Pàl, 1938)Er zijn 50 films uitgekozen die als een soort canon de 100 jaar geschiedenis representeren. De Nederlandse animatiefilm krijgt een speciale plek in de spotlights, waaronder Philips Broadcast (George Pàl),  waarvan EYE een poppetje in bruikleen gaf voor de expositie. Van de film Pas à Deux (Gerrit van Dijk & Monique Renault) zijn er enkele tekeningen van EYE te zien. Verder behoren de Oscarwinnaar Father and Daughter (Michael Dudok de Wit) en Chase (Adriaan Lokman) tot de selectie. 

    Internationale films in de 'top 50' zijn Gertie The Dinosaur (Winsor McCay), La Linea (Osvaldo Cavandoli), Three Little Pigs (Walt Disney), Yellow Submarine (George Dunning), Meat Love (Jan Svankmajer), Betty Boop (Fleischer Bros.), The Hand (Jiri Trnka) en Oh Willy (Emma de Swaef & Marc James Roels). 

    Erik van Drunen en Mette Peters, oud-medewerkers van het opgeheven Nederlands Instituut voor Animatiefilm (NIAf), maakten de selectie. Mette Peters werkt nu als registrar bij de Filmgerelateerde Collecties van EYE, die zich heeft ontfermd over de animatiecollectie van het NIAf. Onder dit materiaal bevindt zich veel artwork en documentatie, zoals van Gerrit van Dijk.

    Naast de animatiefilms is er onder andere werk te zien van beeldende kunstenaars die op een bijzondere manier met animatie hebben gewerkt, waaronder Robbie Cornelissen, Eelco Brand, Martha Colburn en Sun Xun.


    Een tekening van de film Pas à deux (Gerrit van Dijk en Monique Renault, 1988)
    Op de website Dutch Vintage Animation zijn veel Nederlandse animatiefilmpjes te zien van Dollywood, de poppenfilmstudio van Joop Geesink en ook bijvoorbeeld van George Pal. 





    Nederlands Instituut voor Animatiefilm (NIAf), Gerrit van Dijk, affiche, George Pal, Joop Geesink, animatie
  • Affiche Salammbô in het Rijksmuseum van Oudheden

    donderdag 29 januari 2015


    Affiche 1925, ontwerp Frans Bosen
    In de grote tentoonstelling Carthago in het Rijksmuseum van Oudheden is dit filmaffiche uit de collectie van EYE te zien.

    In de tentoonstelling wordt aandacht besteed aan de beeldvorming van Carthago in de moderne media. De roemruchte havenstad lag aan de kust van het huidige Tunesië en was waarschijnlijk in de negende eeuw voor Christus gesticht door de Feniciërs. Nu zijn er alleen ruïnes over. Carthago is bekend van de Punische oorlogen met het Romeinse Rijk, waarvan senator Cato de Oude naar verluidt steevast elke redevoering besloot met de uitspraak: "Overigens ben ik van mening dat Carthago moet worden verwoest." Zo geschiedde ook: Carthago zou door de Romeinen met de grond gelijk worden gemaakt.

    Salammbô is  een stille film uit 1925 van Pierre Marodon op basis van de historische roman van Gustave Flaubert uit 1862. Dit boek vestigde de reputatie van Carthago als een rijk waar wreedheid en losbandigheid hoogtij vierden. Het gaat over de liefde van de mooie Carthaagse priesteres Salammbô, die is opgesloten in een paleis, voor de huursoldaat Matho. De verleidelijke magie van een betoverde sluier wordt hen fataal. 

    De film was gemaakt voor een grootse première in het Opéra Garnier in Parijs en alles werd dan ook uit de kast gehaald om er een waar spektakel van te maken. De geweldige kostuums, exotische decors, beroemde filmsterren als Jeanne de Balzac, Victor Vina en Rolla Norman in de hoofdrollen en de meesterlijke filmsymphonie van Florent Schmitt konden helaas de zeer matige kwaliteit van de film niet verbloemen. Critici en kijkers haakten af vanwege het incoherente verhaal. De film ging al na vijf voorstellingen uit de roulatie, waarna hij in een zwart gat van vergetelheid verdween. Door de herontdekking van de meer dan twee uur durende symphonie van Schmitt, die wel alom geprezen wordt, werd hij 66 jaar na de première weer vertoond met orkest in dezelfde opera.

    Een pagina uit het weekblad Cinema & Theater uit 1926
     
    De maker van het affiche was de Nederlandse graficus en reclameontwerper Frans Bosen (1891-1949), waarvan EYE nog meer affiches in haar collectie heeft. Opvallend zijn de heldere kleuren en vormen, die hij verkreeg door het toepassen van linoleumsnede in plaats van de meer bewerkelijke steendruktechniek die toen gebruikelijk was bij affiches. EYE bezit een grote collectie van zijn werk, waarvan een groot deel opgeslagen lag in de school in Haarlem waar hij tekenles gaf.  Alle EYE-affiches van Bosen zijn gedigitaliseerd en te vinden op de website Geheugen van Nederland.



    Frans Bosen, affiche, Zwijgende film
  • Rebel Without a Cause/ Botsende Jeugd

    donderdag 22 januari 2015

    Onder de titel Botsende Jeugd werd de legendarische tienerfilm Rebel Without a Cause (1955, Nicholas Ray, VS) destijds in Nederland uitgebracht. De op hoge resolutie (4K) gerestaureerde versie is gisteren in EYE in première gegaan.

    De rebelse hoofdpersoon Jim Stark gaat de strijd aan met zijn ouders en zijn treiterende klasgenoten.

    De film, waarin voor het eerst spijkerbroeken door niet-cowboys gedragen werden, vormde in Amerika een beginpunt van de jongerencultuur.

    Tevens ging Rebel Without a Cause de geschiedenis in als het einde van de carrière van de 24-jarige filmster James Dean. Een maand voor de première kwam hij om bij een auto-ongeluk.

    Overigens was hij niet de enige van de hoofdrolspelers die de film niet lang overleefden. Zijn filmgeliefde Natalie Wood verdronk op haar 43ste en zijn tegenspeler Sal Mineo werd vermoord toen hij 37 was.
    Alleen voor Dennis Hopper zou een mooie lange carrière in het verschiet liggen als 'enfant terrible' van Hollywood, hij overleed pas in 2010.

    Anton Corbijns nieuwe film Life gaat over James Dean en zijn vriendschap met fotograaf Dennis Stock van het Amerikaanse tijdschrift Life. Deze film met o.a. Robert Pattinson en Ben Kingsley in de hoofdrol gaat in februari op het Filmfestival in Berlijn in première.

    Hierbij een foto uit de EYE-collectie waarop we de andere, meer huiselijke kant zien van James Dean en hoe hij zich vermaakte tussen de opnames door: met schaakspel, bril en parkiet op zijn schouder


    James Dean op de set van Rebel Without a Cause, fotograaf Floyd McCarty

    affiche, werkfoto
  • De opticakast: een televisie uit 1800

    donderdag 15 januari 2015

    In EYE is de nieuwe tentoonstelling Panorama geopend, met een serie filmapparaten die de evolutie van de cinema in beeld brengt. Dit is uiteraard maar een kleine greep uit de collectie. De opticakast is als 'kijkkast' meer een voorloper van de televisie dan van de cinema en een intrigerend apparaat. Samen met het diorama (wel in Panorama te zien) is dit het oudste object uit de collectie van EYE en onlangs gerestaureerd. 

    Van deze Chinese illuminatiekast, of wonderkabinet zoals deze ook wel wordt genoemd, bestaan er nog maar een handvol in de wereld.  Bij een veiling van Christie’s in 2002 werd een soortgelijk object beschreven als 'een zeldzaam optisch kabinet met een klokmechanisme, om “kunstmatig vuurwerk” en optische effecten te produceren.

    Paneel voor in de opticakast

    De buitenkant van de kast verraadt niets van zijn magische interieur. De kast ziet er uit als een gewone antieke secretaire, met een schrijfklep boven, en daaronder een lade en twee deurtjes. Hierop is een Hollands landschap geschilderd met huisjes en bomen. 

    Het apparaat stamt uit de periode rond 1800 (al zijn er wel onderdelen in een latere periode toegevoegd) en is eigenlijk een theater voor het vertonen van prenten, waarmee een verhaal werd verteld. Die prenten staan op geperforeerde panelen (op de afbeeldingen zijn enkele te zien) waarvan je er drie achter elkaar kon schuiven.Wat het object filmisch maakt, is de toevoeging van licht en beweging.   

    Binnenin staan twee spiegels en een draaibaar spiraalvormig rad, dat met de hand wordt aangezwengeld. Ook is er verlichting van gloeilampen (oorspronkelijk waren dit waarschijnlijk kaarsen), wat samen met de beweging zorgt voor optisch ‘vuurwerk’, dat lijkt op het effect van een caleidoscoop. Een spectaculair schouwspel, waarbij de afbeelding lijkt te bewegen.  Dit ‘kunstmatig vuurwerk’-effect stamt waarschijnlijk al uit de tijd rond 1650. 

    De taferelen op de prenten zijn heel uiteenlopend; van Hollandse huiselijkheid tot Chinese bootvaarders en Griekse paleizen. Hier is nog geen onderzoek naar gedaan, maar hierover volgt in de toekomst meer op dit blog. Waarschijnlijk diende de opticakast  ter vermaak op kermissen en jaarmarkten en wellicht ook in de huiskamers van goedgesitueerde burgers.

     

    Paneel voor in de opticakast. Het vuur lijkt echt te flakkeren door het effect van de lamp en de spiraal. 

    Een verschil met de toverlantaarn is dat deze afbeeldingen projecteert op een scherm, terwijl bij de opticakast de plaatjes in de kast zelf te zien zijn. Het beeld is hierdoor veel kleiner en je moet echt recht voor de kast gaan zitten om het goed te zien. Daarom is ditkabinet dus eerder te beschouwen als een voorloper van de televisie en is de toverlantaarnprojectie juist een vroege versie van de filmvoorstelling.

    In het pas verschenen boek Dutch perspectives. 350 years of visual entertainment van Willem Albert Wagenaar en Annet Duller  zijn alle panelen van de opticakast van EYE afgebeeld. Zie hierover het eerdere blogbericht. In onderstaand filmpje, gemaakt door Piet Dirkx, is de opticakast in werking te zien.

    Om deze trailer te bekijken moet je Youtube cookies accepteren klik hier

    apparaten, opticakast, toverlantaarn
  • Anita Ekberg (29 September 1931 – 11 January 2015) overleden

    donderdag 15 januari 2015

    Wij eren de deze week overleden actrice / fotomodel met en keuze van foto's uit de EYE collectie

Pagina's