werk aan de Desmet-collectie

Wat nu de ‘Desmet-collectie’ heet, kwam vanaf 1957 in delen naar het Nederlands Filmmuseum, de voorloper van EYE.  Het was toen nog een kleine instelling, en de eerste aandacht ging naar de films.

conserveringen in zwartwit

In tegenstelling tot wat nog steeds vaak gedacht wordt, zijn niet alle vroege films zwartwit. Kleuringsprocessen zoals tinting, toning en soms handmatige inkleuring werden al vroeg gebruikt.

Voor alle archieven die nitraatfilms wilden conserveren was kleuring een lastig dilemma. Tot de jaren tachtig van de vorige eeuw was het gebruikelijk om gekleurde nitraatfilms te conserveren door ze te kopieëren naar zwartwit acetaatfilm. Een kopie op zwartwitfilm was goedkoper en duurzamer dan op kleurenfilm.
Wat echter ook een rol speelde was de heersende opvatting over gekleurde stille films. Kleuring werd gezien als iets incidenteels en als een nabewerking die niet bij het oorspronkelijke zwartwit productieproces hoorde.

restauraties in kleur

Maar de tijden veranderden. Een nieuwe generatie van filmwetenschappers constateerde dat kleuring in feite zo vaak voorkwam in stille films, dat het als een integraal deel van de vroege cinema beschouwd zou moeten worden.

Het Filmmuseum was één van de eerste filmarchieven die zijn beleid aanpaste, vooral omdat het nadacht over het restaureren van vaak bontgekleurde films uit de Desmetcollectie.

In 1986 en 1987 veroorzaakten de eerste kleurenrestauraties van Desmetfilms nogal wat ophef toen ze vertoond werden op het belangrijkste internationale festival voor stille film: Le Giornate del Cinema Muto in het Italiaanse Pordenone. De critici vonden de kleuren schreeuwerig en ordinair. Anderen waren juist heel enthousiast en meenden dat de nieuwe standaard was gezet.

onbekende meesterwerken

Niet alleen de kleurenpracht zorgde voor een grote verrassing. Sommige films, zoals Fior di male (Italië, 1915) bleken meesterwerken te zijn waar eigenlijk niemand ooit van had gehoord. Het onvermijdelijke gevolg was dat de geldende canon van de zwijgende film op losse schroeven kwam te staan. Plotseling was er erg veel internationale belangstelling voor de Desmet-collectie.

meer dan 100.000 scans

Hoewel de meeste affiches en foto's al eerder waren geinventariseerd, geconserveerd en gescand, duurde de inventarisatie van de rest van Desmets papieren jaren - voornamelijk bedrijfspapieren en administratie. De hoeveelheid documenten is dan ook enorm; de digitalisering leverde meer dan 100.000 scans op.

Pas toen deze papieren grondig werden bestudeerd in de jaren negentig werd duidelijk dat Desmet niet helemaal was gestopt als bioscoopondernemer na 1920, wat eerder werd gedacht.

Het eerste wetenschappelijke werk over de Desmetcollectie verscheen toen filmhistoricus Ivo Blom in 2000 promoveerde. In 2003 verscheen de Engelstalige handelseditie van zijn dissertatie: ‘Jean Desmet and Early Dutch Film Trade’.

Lees meer over de Desmet-collectie bij EYE.

tentoonstelling Jean Desmet

tentoonstelling Jean Desmets Droomfabriek
Van 13 december 2014 tot en met 12 april 2015

filmografie Desmet collectie