The Thing

Foam presenteert een tentoonstelling van de Belgische kunstenaar Geert Goiris, wiens foto’s – portretten, landschappen en architectuuropnamen – van een beklemmende post-apocalyptische sfeer getuigen. In samenspraak met de kunstenaar vertoont EYE in eigen huis een paar klassieke voorbeelden van filmische post-apocalyptica. Daarin mag John Carpenters ijselijke The Thing niet ontbreken.

Een groep Amerikaanse wetenschappers op de Zuidpool stuit op een buitenaards wezen dat eeuwen bevroren heeft gelegen in het ijs. Doordat deze zich kan transformeren tot hond of mens blijft lang onduidelijk wie wel en wie niet te vertrouwen is. Paranoia doet zijn werk, evenals het bloeddorstige buitenaardse wezen.

Voor het ingetogen en daardoor horrormatig bijzonder effectieve The Thing baseerde Carpenter zich op The Thing from Another World (1951) van Christian Nyby. De film geldt nog altijd als het nec plus ultra op gebied van special effects (make-up) en alien-paranoia. Ook de muziek – van Ennio Morricone – speelt een stevige griezelrol, niet in het laatst omdat Carpenter er zijn eigen, ijselijke synthesizerklanken doorheen weefde.  

Grappig detail: Matthijs van Heijningen Jr. liet in 2011 Carpenters remake voorafgaan door een prequel – ook weer The Thing genoemd. Zowel Nyby, Carpenter als Van Heijningen Jr.  baseerden hun adaptaties op de in 1938 verschenen roman Who Goes There? van John W. Campbell Jr.