Wakker schudden
Weisz behoorde in 1958 – met o.a. Pim de la Parra, Wim Verstappen en Jan de Bont – tot de eerste lichting Filmacademiestudenten die de slaperige Nederlandse filmwereld wilde wakker schudden. Met zijn frisse debuut Het gangstermeisje (scenario Remco Campert) liet hij zich inspireren door de speelsheid van de Franse nouvelle vague en de uitbundigheid van Fellini – Weisz studeerde van 1960 tot 1962 aan de Centro Sperimentale in Rome. Het gangstermeisje werd een cultfilm, vol energie, met een koortsachtige verwachting voor de toekomst.
In de jaren zeventig maakte hij publiekssuccessen als De inbreker (1972), Naakt over de schutting (1973) en Rooie Sien (1975). Toch groeide het verlangen naar meer persoonlijke films, waarin het verleden van de Shoah en WOII doorklonk (Weisz’ vader, acteur Géza L. Weisz, kwam om in het kamp, moeder Sara overleefde; Weisz was als jongetje ondergedoken).